Je wordt niet moe van de mensen om je heen. Maar je wordt moe van jouw eigen gedachten, een schier eindeloze stroom die voorbijkomt in je hoofd. Van de boodschappen doen, gaat het over dat er een familie feest is, een bekende is jarig. Kijk wat een bekende jas, zo een heb ik er ook gehad. Ik heb dorst, daar is de koffie niet lekker. En het begint te regenen ook en ik heb geen jas bij mij! Dat is al de zoveelste keer dat dit gebeurt, waarom vergeet ik toch alles! Kijk daar is de supermarkt, laat ik nog even brood beleg gaan halen voor morgen!
En zo gaat het door ascociatie na ascociatie, rood aardbeien, ik heb een rode trui gehad, ik krijg er hoofdpijn van, voorat ik het vergeet, oh in de supermarkt verkopen ze ook pijnstillers!. en dit speelt bijna elke dag herinneringen, herinneringen aan van alles en nog wat , daar wordt je moe van,
